Over ego’s gesproken

6 november 2011 Jan Pompe 726

Mag u ingrijpen in het leefgedrag van uw medewerkers?

In hoeverre mag u als baas ingrijpen in het leefgedrag van uw werknemers? In het artikel ‘Gewoon lekker jezelf zijn’ uit Elsevier nummer 34 van augustus 2011, schrijft Fleuriette van de Velde dat iedereen het recht heeft te zijn wie hij wil, maar dat een werkgever soms verregaande inbreuk mag maken op het privéleven van zijn medewerkers: “Een kleuterleidster met een piercing, een piloot met een alcoholprobleem, een te dikke aerobicslerares en een hotelmedewerker die opeens met tulband, baard en dolk op zijn werk verschijnt: het uiterlijk, en steeds vaker ook het leefgedrag van werknemers zorgt voor conflicten met de baas.” Jan Pompe heeft er zo zijn mening over.

Mag een baas ingrijpen in het leefgedrag van werknemers en zo ja tot hoever? Mijn antwoord op deze vraag luidt: helemaal niet. Persoonlijke voorkeuren en leefstijlen behoren niet tot het veld van de subjectieve, individuele beoordeling. Nog veel te vaak gaan we bij het oplossen van dit soort problemen uit van autoritair en directioneel opererende organisaties. Dat geeft gedoe en conflicten, omdat objectiviteit veelal ontbreekt en er geen koppeling wordt gemaakt met de relevantie voor de werksituatie. Het is naar mijn mening niet de taak van de manager om zich te bemoeien met het leefgedrag van de werknemer en hierover besluiten te nemen. Maar wat kan u dan wel?

Bespreek het tijdens het teamoverleg

Als manager doet u er verstandig aan om eventuele werkgerelateerde problemen die voortkomen uit het persoonlijke leefgedrag van uw medewerkers aan de orde te stellen in het teamoverleg. Het is uw taak om tijdens dat overleg het besluitvormingsproces te begeleiden. Aan de hand van praktische situaties kan dan het inzicht ontstaan dat aanpassing van het persoonlijke leefgedrag nodig is. Op basis daarvan is het mogelijk om uw werknemer te overtuigen met concrete argumenten, bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid en representativiteit. Ook geldende afspraken en bedrijfsvoorschriften bieden u handvaten.

Laat uw team tot een gezamenlijke reactie komen

In deze aanpak heeft uw team mogelijkheden om controlerend, corrigerend en zelfs eventueel sanctionerend te reageren. De reacties van uw teamleden worden gefaciliteerd en geautoriseerd door de hiërarchische structuur. Simpel gezegd betekent dit dat uw team iets over de zaak te zeggen heeft op basis van het overleg waarin samen besluiten worden genomen. Uw rol als manager hierbij is eigenlijk niet meer dan ondersteunend. Op deze manier kan bij de werknemer en elk lid van het team het gemeenschappelijke begrip ontstaan dat een aanpassing van het leefgedrag wenselijk is.

Jan Pompe
IJsselstein, oktober 2011