Failliet van de Oxford-doctrine

Common Sense was voor mij aan de ene kant een enorme eye-opener en anderzijds een bevestiging van een diepgewortelde overtuiging. De training is een unieke combinatie van filosofie en praktijk. Een totaalpakket, waar de kernelementen bijeen worden gebracht die anders in afzonderlijke trainingen zitten. Common Sense ligt heel dicht bij jezelf. Je speelt geen spel, geen trucs of trics. Je speelt mensen niet tegen elkaar uit. Daar had ik altijd al geen goed gevoel bij en je blijkt dat als manager ook helemaal niet nodig te hebben. In die zin toont het voor mij het definitieve failliet aan van de klassieke definitie van management van de Oxford Dictionary.

Medewerkers hebben behoefte aan duidelijkheid en waarderen openheid en de bereidheid je kwetsbaar op te stellen. Achterhouden van informatie werkt averechts. Mensen hebben het haarfijn door als dingen niet kloppen en dat is funest voor de productiviteit. De veranderingen in de organisatie zijn nog elke dag merkbaar. Medewerkers zijn veel sterker betrokken bij het werk en het bedrijf. Prestaties verbeteren, mensen zien de context waarin gewerkt wordt. Common Sense geeft je ook het handvat om mensen aan te pakken die structureel niet goed werken. De verwachtingen worden helder gemaakt en de betrokkene krijgt een faire kans zich te verbeteren. Je maakt de problematiek expliciet en bespreekbaar in het team waardoor frustraties en irritaties worden weggenomen. Dat gebeurt in alle openheid en in aanwezigheid van de betrokkenen en uiteraard heel integer. Het mooie is dat je er dagelijks mee bezig bent. Als je Common Sense eenmaal door hebt en toepast is het geen methode of truc, maar een permanente state of mind.